Browse Tag: geld

Geloven mensen dat je te rijk kan zijn?

Een groep van 165 inwoners uit Olmen en omgeving won begin december het astronomische bedrag van bijna 143 miljoen euro met de Europese loterij Euromillions (1). In dit kleine Kempische dorpje moeten toch de gelukkigste mensen ter wereld wonen, zou je dan denken!
Uit reacties die de media de volgende dag sprokkelden bij de winnaars bleek echter dat de waarheid genuanceerder is. Alhoewel de meerderheid van de ondervraagden te kennen gaf dat zij inderdaad euforisch waren, waren er ook anderen die er wat minder vrolijk, ja, zelfs beteuterd bijliepen. Zo liet één vrouw optekenen dat ze met gemengde gevoelens haar prijs ontving (“Ik ben blij, maar ook niet blij’”), en een andere jonge vrouw zei zelfs onverholen dat het vooruitzicht plots miljonair te zijn haar bang maakte (“ik weet niet of ik dit wel wou”) (2).


Had je 10 miljoen…
Meer geld maakt niet gelukkiger, bleek reeds meermaals uit onderzoek (3-6). Een Zweedse studie toonde overtuigend aan dat een grotere pot geld winnen wel tot een beter leven leidt voor lotto winnaars (vergeleken met niet-winnaars), maar niet per se tot het ervaren van meer geluk (7). Nu blijkt uit recent onderzoek van ons lab dat mensen ook niet noodzakelijk verwachten gelukkiger te worden na het winnen van gigantische sommen geld (8). Het idee van onze studie ontstond eigenlijk bij een online bevraging waarin we peilden naar “hoeveel geld mensen zouden willen winnen in een loterij”, en waarbij er expliciet werd gezegd dat er geen limiet was (behalve al het geld van de wereld). Hoewel we uiteraard een grote verscheidenheid aan bedragen registreerden, waren twee opvallende trends het vermelden waard. Ten eerste kwam het “bescheiden” bedrag van 10 miljoen naar voren als het meest “optimale bedrag” – ondanks dat het hier om een open vraag ging en men dus met de meest krankzinnige bedragen kon afkomen. Ten tweede werden absurd hoge bedragen zoals een gogol (i.e., het getal 1 gevolgd door 100 nullen) slechts door enkelingen aangehaald. Tegen onze verwachtingen in bleven onze deelnemers dus opvallend bescheiden en met beide voetjes op de grond.


De homo economicus versus de homo psychologicus
Om deze contra-intuïtieve bevinding – dat mensen bij vrije keuze tussen astronomische en “bescheidenere” bedragen eerder geneigd zouden zijn om voor de laatste optie te gaan – verder uit te spitten, maakte we gebruik van verschillende onderzoeksmethoden. In een tweede studie vroegen we onze participanten, in een zogenaamd gedachtenexperiment, zich in te beelden dat ze de lotto gewonnen hadden. Vervolgens legden we hen een aantal bedragen voor die zij dan moesten beoordelen op een schaal van 1 = “ik zou er helemaal niet gelukkig van worden” tot “7 = ik zou er dolgelukkig van worden”. Ook in deze studie verwachtten de deelnemers zich het gelukkigst te zullen voelen bij het winnen van een pot van 10 miljoen GBP (participanten waren inwoners van het Verenigd Koninkrijk). Op zich zeker geen onaardig bedrag, maar een peulenschil in vergelijking met sommige van de andere bedragen die we hen voorschotelden – om een idee te geven, de hypothetische geldsommen liepen op tot 10 triljoen!
In een derde studie deelden we onze participanten at random in 5 groepen of “condities” in. In de eerste conditie moesten mensen zich inbeelden dat ze 1000 GBP hadden gewonnen in een fictieve loterij, in een tweede conditie was dat bedrag 1 miljoen, in de derde conditie 10 miljoen, in de vierde conditie 100 miljoen, en 10 triljoen in de vijfde conditie. Dus, het enige verschil tussen deze groepen was het hypothetisch gewonnen bedrag. Wat bleek? In de 10 miljoen conditie rapporteerden mensen meer verwacht geluk dan in alle andere condities, en verwacht geluk daalde zelfs opnieuw als we naar de condities keken met de hogere bedragen (100 miljoen en honderd triljoen).


In twee finale experimenten, tenslotte, deden we nog een laatste test om de “10 miljoen preferentie” na te gaan. Die bestond simpelweg uit het presenteren van alle mogelijke combinaties van paren sommen geld, en de participanten moesten dan per paar expliciet aanduiden bij welk van de twee bedragen zij verwachtten zich gelukkiger te voelen (vb. “Bij welk gewonnen bedrag zou je het gelukkigst zijn,10 miljoen of 10 triljoen?”). Het voordeel van die laatste methode is dat je daar dan statistische technieken op kan los laten die berekenen wat het “ideale bedrag” is voor jou, ofwel jouw meest geprefereerde bedrag ten opzichte van alle andere bedragen. En ook in deze studies vonden we een duidelijke gemiddelde preferentie voor een lottowinst van 10 miljoen .


Samengevat doorprikken onze resultaten dus de mythe van de “homo economicus” (geld als primaire drijfveer) en herstellen ze de “homo psychologicus” in ere (die geld met mate wil, en die zich durft te laten leiden door intuïtievere zaken, zoals de volkse wijsheid dat er zoiets bestaat als “te veel van het goede”).


One size fits all?
Echter, die laatste stelling moeten we toch een beetje nuanceren. Het klopt inderdaad dat we, over studies heen, een gemiddeld patroon vonden gekenmerkt door 10 miljoen als het “magische getal” (en dus van een soort “te veel van het goede” zienswijze onder de participanten). Echter, we vonden ook nog evidentie voor het bestaan van twee andere subgroepen. De eerste subgroep zouden we kunnen omschrijven als de “homo psychologicus beta”: deze participanten hadden inderdaad een soort “optimale” lotto winst in gedachte waarvan ze aannamen dat grotere bedragen hen minder gelukkig zouden maken, maar dit ideale bedrag lag wel aanzienlijk hoger dan bij de homo economicus (nl. een toch al wat minder bescheiden 50 miljoen GBP). De laatste subgroep, ten slotte, verwachtte schijnbaar dat hun ervaren geluk zou blijven stijgen met de hoeveelheid geld die men won. Met andere woorden, deze groep vertoonde een rechtlijnig stijgende relatie tussen ingebeelde lottowinst en verwacht geluk, en dacht dus als een volleerd “homo economicus”.


Moraal van het verhaal? Er is niet één “magic number”, maar meerdere. Dat impliceert dus ook dat de homo economicus en de homo psychologicus elkaar helemaal niet uitsluiten, het zijn gewoon overtuigingen die spelen bij verschillende segmenten van de bevolking. En ook, dat het misschien geen kwaad kan om voor jezelf eens op voorhand mentaal te simuleren dat je de lotto zou winnen wanneer je meespeelt, en waar jouw optimale bedrag dan lijkt te liggen. Achteraf gezien had dat een heel nuttige oefening kunnen zijn voor sommige van de winnaars in Olmen.

Auteurs
Tessa Haesevoets is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan de Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids-, en Sociale Psychologie (Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen) en de Vakgroep Bestuurskunde en Publiek Management (Faculteit Economie en Bedrijfskunde) van de Universiteit Gent. Tijdens haar doctoraat onderzocht ze welke strategieën effectief kunnen zijn om gebroken vertrouwen terug te herstellen. Haar huidig onderzoek spitst zich toe op de veranderende lokale democratie.


Kim Dierckx is als assistent bij de Vakgroep Ontwikkelings-, Persoonlijkheids-, en Sociale Psychologie (Faculteit Psychologie en Pedagogische Wetenschappen) verbonden aan de Universiteit Gent. In het kader van zijn doctoraat hield hij de “super-diverse” samenleving tegen het licht. Specifiek onderzocht hij hoe maatschappelijke instellingen via de toepassing van procedurele rechtvaardigheid sociale harmonie kunnen realiseren in diverse maatschappijen. Zijn huidige onderzoek spitst zich toe op de onderlinge relaties tussen etnisch-culturele minderheden en de factoren die deze verhoudingen op een positieve manier kunnen beïnvloeden.

Bronnen
[1] https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/12/06/euromillions-belga/
[2] De Standaard (8-12-2022). ‘Miljonair of niet, ik moet nog naar het containerpark vanavond’
[3] Brickman, P., Coates, D., & Janoff-Bulman, R. (1978). Lottery winners and accident victims: Is happiness relative? Journal of Personality and Social Psychology, 36, 917– 927. https://doi.org/10.1037/0022-3514.36.8.917
[4] Nisslé, S., & Bschor, T. (2002). Winning the jackpot and depression: Money cannot buy happiness. International Journal of Psychiatry in Clinical Practice, 6, 183–186. https://doi.org/10.1080/136515002760276144
[5] Lutter, M. (2007). Book Review: Winning a lottery brings no happiness! Journal of Happiness Studies, 8, 155–160. https://doi.org/10.1007/s10902-006-9033-2
[6] Raschke, C. (2019). Unexpected windfalls, education, and mental health: Evidence from lottery winners in Germany. Applied Economics, 51, 207–218. https://doi.org/10.1080/00036846.2018.1494813
[7] De Standaard (29-08-2018). Nee, geld maakt niet gelukkig.
[8] Haesevoets, T., Dierckx, K., & van Hiel, A. (2022). Do people believe that you can have too much money? The relationship between hypothetical lottery wins and expected happiness. Judgment and Decision Making, 17(6), 1129-1254.

 

Kerstcadeaus kopen: kiezen uit de lijst, zelf iets bedenken, of toch maar geld geven?

Twee weken geleden kreeg ik hem weer, de jaarlijkse e-mail waarin mijn zus haar lijstje (zeg maar lijst) voorstelt met allerhande cadeautips voor kerstmis en Nieuwjaar. Telkens ik die e-mail krijg, is mijn eerste reactie: een cadeau kopen uit een lijst is toch veel te gemakkelijk. Ik ga liever creatief aan de slag om zélf iets te vinden dat ik kan geven aan mijn zus. Wanneer ik moeite doe om zelf een cadeau te bedenken, dan zal mijn zus daar ongetwijfeld minstens even blij van worden dan van een cadeau uit een lijst. Ja, toch?

Onderzoek naar cadeaus

Recent wetenschappelijk onderzoek toont aan dat ik blijkbaar niet de enige ben die zo denkt.

Gevers denken vaak dat de ontvanger even blij zal zijn met een cadeau dat de gever zelf bedacht heeft dan met een cadeau waar de ontvanger expliciet om vroeg.

Ontvangers daarentegen zijn meer tevreden met een cadeau waar ze zelf om vroegen dan met een alternatief cadeau dat de gevers bedacht hebben. Het perspectief van de gevers verschilt dus van het perspectief van de ontvangers. En neen, er werden geen verschillen gevonden of het nu om trouwcadeaus, verjaardagscadeaus of verlanglijstjes ging.

Met geld blijkt men altijd content

Ook als het over geld als cadeau gaat, blijken gevers en ontvangers verschillende overtuigingen te hebben. Gevers zijn er vaak van overtuigd dat ontvangers niet even blij zullen zijn met geld als met een cadeau waar ontvangers expliciet om vroegen. Gevers zien geld immers vaak als iets onpersoonlijks, en geld laat volgens de gevers uitschijnen alsof ze geen moeite willen doen voor de ontvanger. Wat echter blijkt uit onderzoek is dat ontvangers geld meer appreciëren dan dat gevers denken. Meer nog, ontvangers appreciëren geld doorgaans zelfs meer dan een cadeau waar ze zelf om vroegen!

Advies aan mijn zus

Onderzoek toont verder aan dat wanneer ontvangers slechts één cadeautip geven, gevers meer bereid zijn om het gewenste cadeau te kopen dan wanneer ontvangers een lijst met cadeautips te verwerken krijgen. Het verschil in overtuigingen tussen de gevers en de ontvangers wordt hierdoor dus verminderd. Conclusie: zus, volgend jaar bezorgd je me dus beter maar één cadeautip.

Tot slot: die Amerikanen toch

Uit een recente peiling blijkt dat 40 tot 50% van de Amerikanen verwacht om minstens één cadeau te moeten teruggeven na de feestdagen. Hopelijk loopt het bij ons zo’n vaart niet, en kan Mensenkennis.be via deze blogpost bijdragen tot een goede keuze van pakjes onder de kerstboom.

Referentie

  • Gino, F. & Flynn, F. (2011). Give them what they want: The benefits of explicitness in gift exchange. Journal of Experimental Social Psychology, 47, 915-922.

Auteur: Michiel Crommelinck

Michiel Crommelinck behaalde zijn doctoraat in de bedrijfspsychologie in 2013 aan de Universiteit Gent. Hij werkt nu voor Securex met als doel interne innovatie en ondernemerschap te stimuleren en te begeleiden.